Fytotherapie

Fytotherapie is een kruidengeneeskunde en in de kruidengeneeskunde zijn kruiden delen van planten, struiken en bomen.

De geneeskrachtige stoffen bevinden zich in deze delen van de plant, struik of boom en is niet altijd per definitie gezond. Kruiden kunnen ook bijwerkingen hebben of kunnen schadelijk zijn bij verkeerd of overmatig gebruik.  

Geneeskrachtige werkzame stoffen in kruiden zijn bijvoorbeeld: looistoffen, glycosiden, alkaloïden, saponinen, etherische oliën, bitterstoffen, slijmstoffen, enz. De onderlinge relaties van stoffen in de plant spelen een grote rol, zo kan men niet zeggen dat een bepaald kruid goed is voor een bepaalde kwaal omdat er een bepaalde stof in voor komt. Twee kruiden met dezelfde geneeskrachtige stof kunnen dus een totaal verschillende werking hebben.

De plant, struik, boom of de delen hiervan moeten op bepaalde momenten geoogst worden om het hoogste gehalte aan werkzame stoffen te verkrijgen.

Ook het voorbewerken van de kruiden speelt een belangrijke rol, om de kruiden te bewaren en dat er zo weinig mogelijk stoffen verloren gaan. Men kan de kruiden vers, gedroogd, ingevroren of als preparaat (tincturen, capsules, tabletten, siropen, enz.) gebruiken.

Men kan de meeste kruiden inwendig gebruiken maar ook uitwendig. Inwendig kan men denken aan thee, tinctuur, tabletten, siropen, etherische olie, enz., uitwendig kan men denken aan een pakking, kruidenomslag, badolie, massageolie, zalf, enz.

Kruiden kunnen uitlopende eigenschappen hebben zoals hartversterkend, bloed zuiverend, eetlustopwekkend, galstimulerend, krampstillend, antiseptisch, pijnstillend, leverstimulerend, enz.

Het is van belang dat er voor het starten met Fytotherapie een uitgebreide anamnese van de cliënt wordt afgenomen om goed te kunnen bepalen wat de klacht is en deze in verband te brengen met de persoonlijkheid van de cliënt patiënt . Er worden verbanden gelegd en er wordt gezocht naar de diepere oorzaak van de klacht.